Blokkeren verbod op extreme verhoormethodes door het Witte Huis

17/01/2005

Vragen van het lid Van der Laan (D66) aan de minister van Buitenlandse Zaken over het blokkeren van een verbod op extreme verhoormethodes door het Witte Huis. Antwoord van de heer Bot, minister van Buitenlandse Zaken, op vragen van het lid Van der Laan (D66) over het blokkeren van een verbod op extreme verhoormethoden door het Witte Huis.  

Vragen van het lid Van der Laan (D66) aan de minister van Buitenlandse Zaken over het blokkeren van een verbod op extreme verhoormethodes door het Witte Huis.

Antwoord van de heer Bot, minister van Buitenlandse Zaken, op vragen van het lid Van der Laan (D66) over het blokkeren van een verbod op extreme verhoormethoden door het Witte Huis.  

 

1

Is het u bekend dat de Amerikaanse regering in december 2004 druk heeft uitgeoefend op politieke leiders in het Amerikaanse Congres het gebruik van extreme verhoormethodes door inlichtingendiensten niet te beperken?1 Zo ja, sinds wanneer is u dit bekend?  

 

Antwoord

Het Amerikaanse Congres heeft in 2004 enkele nieuwe bepalingen in de wetgeving op het gebied van de inlichtingendiensten (de zgn. 9/11 Intelligence bill) voorgesteld. Deze voorstellen voor aanpassing van bestaande wetgeving zouden buitenlandse gevangenen in de Verenigde Staten meer juridische bescherming moeten bieden dan tot op heden was vastgelegd. Hierbij werd met name ook beoogd betere bescherming van gevangenen te garanderen tegen extreme verhoormethoden. Het Witte Huis heeft naar aanleiding van deze voorstellen in een brief van 18 oktober 2004 aan het Congres gesteld dat de bescherming die met de voorgestelde nieuwe bepalingen werd beoogd, door de bestaande nationale wetgeving en bestaande internationale verdragen reeds werd gegarandeerd.    

 

2

Is het waar dat topfunctionarissen van het Witte Huis en enkele prominente Congresleden en senatoren, er tijdens onderhandelingen achter gesloten deuren voor hebben gezorgd, dat de beperkingen uit de tekst van het voorstel verdwenen?  

 

Antwoord

Hier is mij niets van bekend.  

 

 3

Hoe oordeelt u over het feit dat de Amerikaanse regering van mening is dat aan buitenlandse gevangenen de meest elementaire rechtsbescherming moet kunnen worden ontzegd in het kader van de strijd tegen het terrorisme?

 

 Antwoord  

De vraagstelling gaat uit van het onthouden van elementaire rechtsbescherming aan buitenlandse gevangenen door de Amerikaanse regering als een vaststaand feit. De regering deelt dit oordeel niet: zo kreeg het Internationale Rode Kruis toegang tot deze gevangenen en toont de Amerikaanse regering zich gevoelig voor kritiek.  Iets anders is dat de VS Al Qaeda en Taliban gedetineerden niet beschouwen als krijgsgevangenen maar als “unlawful combatants”, waarop de Conventies van Geneve niet van toepassing zouden zijn. De regering vindt dit zorgelijk, omdat hantering van deze kwalificatie onduidelijkheid introduceert over internationale rechtsnormen en de handhaving daarvan. Ook in de VS zelf is dit niet onomstreden: Zo adviseert de Commissie-Schlesinger in haar op 24 augustus 2004 gepresenteerde rapport aan de Amerikaanse regering om de status en behandeling van de verschillende categorieën gevangenen nader te definiëren en vorm te geven, waaronder de nieuw gecreëerde categorie “unlawful combatants”.  

 

4

Op welke wijze heeft de Nederlandse regering, al dan niet in EU-verband, haar mening over deze gang van zaken laten blijken aan de Amerikaanse regering?  

 

5

Wat bent u van plan te doen aan het feit dat op dit moment in de Verenigde Staten arrestanten als 'incomunicado' geen rechtsbijstand hebben of zelfs geen vooruitzicht hebben op een proces waarin hen iets ten laste wordt gelegd en dat foltering deel kan uitmaken van de verhoren?

 

Antwoord

Zowel bilateraal als door de EU is bij de Verenigde Staten zorg uitgesproken over de behandeling van de gevangenen die naar aanleiding van de strijd tegen het terrorisme in hechtenis worden gehouden. Op 17 en 18 februari 2005 heb ik de problematiek van de gevangenen op Guantánamo Bay met minister van Buitenlandse Zaken Rice en onderminister van Defensie Wolfowitz besproken. Zowel Nederland als de EU zullen de Verenigde Staten blijven aanspreken op een correcte behandeling van de gevangenen op Guantánamo Bay.  Er bestaat overigens geen verschil van mening met de VS over het feit dat foltering bij verhoren onaanvaardbaar is.  

 

6

Is de Nederlandse regering bereid gebruik te maken van geheime informatie/ inlichtingen uit de Verenigde Staten die mogelijk is/zijn verkregen door marteling of foltering? Zo neen, hoe ziet de Nederlandse regering erop toe dat dergelijke informatie niet wordt gebruikt?  

 

Antwoord

Nederland gaat ervan uit dat informatie op rechtmatige wijze is verkregen, en dat eventuele excessen worden bestraft.

 

 

 1The New York Times, 13 januari jl.      

 

 

Terug